7. Alpen

25 Augustus, St Gingolph – Refuge de Bise. Gekozen om in St Gingolph te beginnen in plaats van Thonon les Bains. Simpel weg omdat ik zo’n 35 jaar geleden ook in St Gingolph begon op weg naar Chamonix. Begin met 2 uur klimmen door het bos naar Novel. Koffie met uitzicht op het terras van wat denk ik een leuke gite is. Het is een prachtige dag, lekker fris en het trekt steeds verder open. Daarna naar La Planche en vervolgens de steile helling op naar de Chalets de Neuteu. 35 jaar geleden sliep ik hier op een verlaten, vervallen alm; nu is het allemaal mooi opgeknapt. Late lunch met mooi uitzicht op het meer van Genève. Dan het laatste stukje naar de Col de Bise. Prachtig uitzicht naar beide kanten. 1500 m geklommen in 5 1/2 uur, maar een half uur langer dan de topoguide en weinig last van mijn hiel. Wel voel ik mijn rechter knie af en toe. Afdaling naar de Refuge de Bise. Geen huttenwirt, geen water, geen douche, geen WC maar het ligt er prachtig en vlakbij is een aardig restaurantje met terras. Zon en uitzicht naar alle kanten. Ik eet er met een Engelse lerares Frans die ook in de hut verblijft.

image

Col de Bise, terugblik.

image

Col de Bise, vooruitblik naar het land van Mordor.

26 Augustus, Refuge de Bise – La Chapelle d’Abondance. Na vermoeiende reis en lange eerste dag een halve rustdag. Vroeg weg uit de hut en kort na achten sta ik boven op de Pas de la Bosse. Ik vind het uitzicht er zo mooi dat ik er wel een uur blijf. De Fransman die hier boven kampeerde (koud, ijs) wijst me de verschillende bergen aan. Dan lange afdaling naar La Chapelle d’Abondance. Mijn rechterknie heeft het moeilijk met de hele steile stukken van de afdaling (tractus iliotibialis?). Nog net voor 12 boodschappen in een kleine alimentation generale waarvan de kassa het niet doet. De eigenaar loopt met me de hele winkel door om overal de prijs in zijn rekenmachine in te voeren. Valt niet mee hier als kleine winkelier te overleven (maar gelukkig is het rustig). Daarna salade op terras van hotel Ensoleillé. Gelukkig kan ik gelijk daarna al op mijn kamer. Ze hebben er een zwembad ook. Prima hotel! Ik werk mijn blog bij en duik het zwembad in. S’avonds hier heerlijk gegeten. Voor even is de GR5 lopen heel relaxed.

image

Pas de la Bosse, vooruitblik. Besneeuwde bergen links, in de verte: Grand Combin. Gekartelde bergen in het midden, dichterbij: Dents du Midi. Berg in de zon rechts, ver weg: Aiguille Vert. Mont Blanc verborgen achter de hoge berg rechts (Mont de Grange).

27 Augustus, La Chapelle d’Abondance – Col de Bassachaux. Ontbijt in hotel, de eigenares vraagt me de groeten te doen aan haar nicht in de Refuge op de Col de Bassachaux. Loop langs een idyllisch riviertje het dorp uit, daarna klim naar boven door het bos. Mooie waterval in het bos. Alles groen en nat; nog lekker fris om te lopen. Voor de Col de Mattes twee keer langs een mooi gelegen almhut. Een Française zoekt er naar champignons, maar begrijp dat het eigenlijk te laat is in het jaar. Middageten met uitzicht op de Col de Mattes. In de middag van alm naar alm. Warm nu. Later zal ik vast heimwee hebben naar dit mooie weer (blijft nog 4 of 5 dagen zo); nu is het zelfs boven best warm. Om 4 uur bij de hut op de Col de Bassachaux. Ik ben de eerste dus kan lekker bij het open raam liggen. Ik was hier in 1983 en het voelt nog steeds aan als een hut met een goede sfeer.
Voorzichtig aan gedaan vandaag, met name bij de afdalingen. Geen last van hiel of knie gehad. Zes uur lopen (volgens Franse topoguide) werkt beter dan 7 of 8 uur. Acht uur weg en goede middagrust betekent dan om 4 uur aankomen en daarna lekker uitrusten.

image

Alm boven Chapelle d’Abondance.

28 Augustus, Col de Bassachaux – Refuge de la Golese.

image

Refuge de Chesery.

29 Augustus, Refuge de la Golese – Salvagny.

De Fransen moeten het raam van de slaapzaal weer dicht hebben en liggen dan de hele nacht te reutelen. En zijn nog fris ook de volgende ochtend; ik niet! Lange afdaling naar Samoens, meest in de schaduw en langs de rivier dus lekker fris. In Samoens om een uur of 11. Wil nou wel goed boodschappen doen dus loop door naar de Carrefour een stukje buiten het dorp. Rugzak puilt uit daarna met bovenop een hele poulet roti. Het bord buiten de supermarkt geeft 32 graden aan als ik naar buiten kom en ik ben blij als ik onder een boom kan neer ploffen bij een meertje. Later lig ik daar tonnetje rond bij te komen. Van plan om hier op de camping te gaan staan en via Refuge Wills en Bel Lachat naar Chamonix te gaan. Maar Bel Lachat zit al vol (op een maandag zo laat in seizoen!) en ik denk als je daar de tent opzet naast de hut kijk je een kilometer de diepte in naar Chamonix. Dus regel ik Refuge Moëde Anterne en besluit vandaag ook maar door te lopen naar Salvagny. Jammer want de camping ziet er leuk uit. Wel relaxed lopen langs de rivier. Laatste stukje gaat door oude gorge met allemaal kolkgaten naar boven. Mooie gite in Salvagny, lekker zitten in de tuin, en ze hebben zelfs een kamertje voor me. Heerlijk geslapen daar.

image

Zonsondergang, Refuge de la Golese.

30 Augustus, Salvagny – Refuge de Moëde Anterne.
Warme dag weer, 30 graden in het dal en 20 graden boven. In de ochtend de lange klim van 800 naar 1800 m. Het eerste tuk in het dal langs de rivier, in de schaduw en goed uit te houden. Het tweede stuk in de volle zon. Ik heb een tijd nodig in de Refuge d’Anterne om bij te komen, eet er een omelet en blijf nog een tijd lang zitten. Wat een leuke Refuge op een mooie plek. Gerund door wat een Tibetaan lijkt (later hoor ik dat de man uit Nepal komt). Een rij lege blikjes langs de muur en als iets op is gaat het blikje eraf. Heel klein, het is me een raadsel hoe hier 60 mensen kunnen slapen. Rond 4 uur zit ik helemaal alleen langs le Lac d’Anterne. Het lijkt wel IJsland hier. Daarna op de Col d’Anterne. 35 jaar geleden liep ik hier in regen en mist en zag ik de Mont Blanc pas vanaf de Brévent. Nu zie ik hoe mooi het uitzicht vanaf hier is, dit moet één van de mooiste uitzichten van de Alpen zijn. In de Refuge weet ik een klein kamertje te verkrijgen aan de voorkant van de oude hut, met uitzicht op de Mont Blanc. Het is een privé hut en dezelfde familie runt de hut al 100 jaar of zo. Volgens mij zijn ze helemaal gaga maar dat kan de pret niet drukken. Als Feyenoord had gewonnen was mijn dag perfect.

image

Mont Blanc, vanaf de Col d’Anterne. Beneden de Refuge de Moëde Anterne.

31 Augustus, Refuge de Moëde Anterne – Les Houches. Vroeg op, loop kort na 7 want dit wordt een lange dag. Ruim 1000 m stijgen, ruim 2000 m dalen. Laatste warme dag ook. Zowel de daling naar de Pont d’Arlève als het klimmen naar de Col de Brévent kan ik in de schaduw lopen. Dat helpt me enorm. Ik rust wat op een verlaten alm. Het is ongelooflijk stil hier. Op de Col de Brévent prachtig uitzicht naar de Mont Blanc. Door naar de Brévent over soms wat steile stukjes. Een keer bijna onderuit en voel het in mijn kniebanden. Boven op de Brévent net zo’n mooi uitzicht maar nu moet je het ineens met 100 delen door de kabelbaan. Lunch met Donna Summer op het terras van de teleferique. Daarna de lange afdaling naar Les Houches. Mooi tot Bel Lachat, daarna vooral lang en warm. Eerste kleine blaar ook. Dit is een vermoeiende dag. Hotel Les Campanules is wel leuk en prima eten ook, salade, zalm, crème brulée. In het hotel zie ik Manfred weer, sinds de Gite van Salvagny drinken we na het lopen steeds gezellig een biertje. Overdag is hij véél sneller. S’avonds kijk ik door het open raam naar de witte Mont Blanc in het donker.

image

Mont Blanc, vanaf de Col de Brévent.

1 September, Les Houches – Les Contamines. Overgangsdag. En einde van het stralende weer. Korte dag ook; ben er al om 3 uur en kan daarna uitrusten van afgelopen week. Onderweg af en toe regen en een hangbrug van een meter of 40; dat heb ik nog niet eerder gezien in Frankrijk. Lekker wiebelen. Even verderop is een klein boerderijtje de geboorteplek van een van Frankrijk’s bekendste astronomen. In zijn jeugd in de 18e eeuw hoedde hij de koeien op de alm totdat een pastoor in de familie vond dat die slimme jongen maar moest gaan doorleren in de stad. Hotel La Gelinotte is heel eenvoudig, met aardige mensen en prima eten.

image

2 September, Les Contamines-Montjoie – Refuge du Col de la Croix du Bonhomme. In de ochtend neem ik afscheid van Manfred, hij zal vandaag verder doorlopen. Ik steek een kaarsje op in de kapel van Notre Dame de la Gorge. Dat zal er wel voor gezorgd hebben dat ik niet naar beneden donder als ik foto’s maak van de Gorge bij de Romeinse brug. Later leg ik mijn steentje bij de grote hoop stenen op de Plan des Dames. Volgens de traditie liggen er twee Engelse dames onder die omkwamen bij een onweer. Geen steentje leggen brengt ongeluk zegt men hier. Ik merk hoe druk dit stuk is waar de GR5 samenvalt met de populaire TMB (Tour de Mont Blanc). Ik voel me erg sterk vandaag en loop de hele TMB crowd voorbij. In de hut slapen tegen de 100 mensen; dat is zo’n 10 keer zoveel als ik gewend ben. Ik slaap er met 5 Israëli’s op de kamer die geen idee hebben waar ze aan begonnen zijn.

image

image

Plan de Dames.

image

Col de la Croix du Bonhomme.

3 September, Refuge du Col de la Croix du Bonhomme – Refuge de Presset. Een lange dag en voor de middag is regen voorspeld dus ik wil vroeg op pad. De Tour de Mont Blanc gaat hier de andere kant op. Kort na 7 loop ik als eerste die dag de Crête des Gittes op. Een raar gevoel overvalt me: aan beide kanten de afgrond en de mist trekt langzaam alles dicht. Boven op de Crête kom ik een groepje steenbokken tegen. Als ik aankom zijn de voorsten de Crête net overgestoken. Ik zie de achtersten kijken en overleggen wat ze nu zullen doen; ik wacht totdat zij uiteindelijk ook oversteken. Later zie ik in het dal de mannetjes met hun grote horens. De dag is een spel van de zon die soms doorbreekt en de wolken die soms alles weer dicht trekken. Ik eet wat op de Alpage de Plan Mya en loop daarna verder met Patrick, een Engelse housemaster van een boarding school. Langzaam worstelen we ons naar boven naar de Col de Bresson en de Refuge de Presset die daar een half uurtje achter ligt. De Refuge is de eerste nieuwe hut die ik tegen kom (gebouwd in 2013) en ik vind het eigenlijk een hele mooie hut. De plek aan het meer is ook prachtig. Aan het eind van de middag begint het te regenen en sneeuwen. In de avond zitten we met 28 aan een lange tafel, de hut is vol. Ik doe voor het eerst s’nachts mijn oordoppen in en dat bevalt me prima.

image

image

4 September, Refuge de Presset – Landry. Ik heb niet verder gepland dan Landry dus ik heb de tijd. Na ontbijt loop ik eerst om het Lac de Presset heen. Het heeft gevroren en het is er heel sereen. Daarna begin ik aan de lange afdaling naar het dal van de Isère. Halverwege eet ik met Patrick bij de Auberge van Valezan; daarna ga ik alleen verder. Boodschappen in Landry bij de slager die er ook een kleine supermarkt naast heeft. Komende dagen mooi weer (alleen morgen wat wisselvallig) dus ik plan de verdere tocht door de hoge Vanoise (GR55 variant). Gelukkig heeft de Refuge du Col du Palet plek morgenavond op de drukke zaterdagavond. Verder lekker uitrusten; ik had gedacht aan een rustdag maar ik loop wel lekker en het weer is te mooi om niet in de bergen te zijn.

image

Refuge de Presset.

5 September, Landry – Refuge du Col du Palet. Lange dag, 1800 m klimmen. Maar het klimmen is wel geleidelijk; je loopt gewoon in de lengte het dal uit en dat vind ik wel mooi. Vooral boven de 1500 m is het een mooi dal. Lunch in Refuge de Rosuel. Op de almen naar de Col du Palet overal dikke marmotten aan het eind van de zomer. Ze kijken het meestal even aan als ik er aan kom en begeven zich dan toch maar lodderig naar hun hol. Koud vandaag en het waait en om 3 uur begint het heel licht te sneeuwen. Het is een beetje rare sneeuw, tussen sneeuw en hagel in. Ik hou de gang er toch maar in voor het geval het echt flink gaat sneeuwen. Om 5 uur bij de Refuge du Col du Palet; ik tref er Jenny weer. Het is een leuke hut met sfeer en stampvol op zaterdagavond. Ik krijg nog een plekje bij de dames van de yogacursus. Prima eten en daarna een uur lang huiskamerconcert bij kaarslicht van 4 muzikanten uit Grenoble; dat heb ik nog niet eerder meegemaakt in een hut. Het tweejarig dochtertje van de gardiens kruipt overal tussendoor en vertedert iedereen.

image

Refuge du Col du Palet, avondconcert.

6 September, Refuge du Col du Palet – Refuge de la Leisse. Als een blok geslapen en pas om 7 uur wakker. Korte dag; ik kan het rustig aan doen. Blauwe lucht en het heeft flink gevroren, de rijp ligt op het veld. Daal af naar Tignes / Val Claret. Niets te doen in zo’n wintersport resort begin September; er is geen mens op straat en geen koffie te vinden. Net een sciencefiction film waarbij iedereen op aarde is verdwenen. Om half 3 bij de Refuge de la Leisse; er ligt een briefje met de groeten van Jenny. Zij gaat straks de GR5 weer op, Manfred is zeker 1 dag vooruit en Patrick zeker 1 dag achter; komende dagen zal ik weer alleen lopen. Ik zit de rest van de middag in de zon op het balkon van de refuge.

image

Col de la Leisse.

7 September, Refuge de la Leisse – Pralognan de Vanoise. iPhone en extra accu zijn nu echt leeg. Ik kan nog net een foto maken van de hut en daarna is het op. Ik daal eerst in de schaduw van het dal tot zo’n 2100 m, daarna klim ik het dal weer uit richting Col de la Vanoise. Het laatste stuk loop ik op een soort hoogvlakte en de wind buldert om me heen. Bij de Refuge de la Vanoise kan ik in de zon en uit de wind zitten. Geleidelijk druppelt er binnen wat vannacht in de hut zat: de 3 Fransen (2 heel fit en 1 die er steeds een kwartier achter loopt) en de 3 Engelsen uit Manchester (Derby County fans wel te verstaan). Alleen de 3 Nederlanders (waarvan 2 in een tentje naast de hut; echt koud op 2500 m in September lijkt me) laten op zich wachten. Daarna in de middag lange afdaling naar Pralognan. Ik heb er een rustdag gepland in hotel. Diep in mijn hart vind ik dat niks maar het is wel goed om bij te komen in comfortabel bed en zwembad na 14 dagen lopen. Van mijn linkerhiel heb ik weinig last maar de rest van mijn lichaam kraakt en steunt met overal kleine pijntjes. Ik heb niets bij me om weer een extra gaatje in mijn broekriem te slaan en de heupband van mijn rugzak begint nu echt te groot te worden.

image

Refuge de la Leisse.

8 September, rustdag in Pralognan. Gelezen en bij het zwembad gezeten. Een Frans familiehotel, aardige mensen, prima eten. Aan het eind van de dag komt Patrick binnen hobbelen en gaan we aan het bier. High drama in the Refuge de la Leisse gisteren toen paard en ezels ontsnapten, de gardienne er achter aan moest en de gasten uiteindelijk zelf gekookt hadden.

9 September, Pralognan de Vanoise – Refuge de l’Orgère. Lange geleidelijke stijging door het dal van de Chavière. Uiteindelijk het hoogste punt van de hele tocht: de Col de Chavière van 2796 m. Laatste stukje is enorm steil en glibberig. Lange afdaling naar de Refuge de l’Orgère. Ik heb het even gehad met afdalingen. Het dortoir is vol want in de hut verblijft een middelbare school meisjesklas. Halverwege het eten vlucht één van de meisjes luid snikkend naar een zijkamertje gevolgd door 1, 2, 3, 4, 5 andere meisjes die haar willen troosten maar vooral ook willen weten welke jongen haar wat geflikt heeft.

image

Cairns op weg naar de Col de la Chavière.

10 September, Refuge de l’Orgère – Refuge du Mont Thabor. Vroeg op, lange dag. Kwart over 7 loop ik. In de afdaling naar Modane allemaal Franse soldaten die omhoog komen klimmen. De eersten en de laatsten hebben het het zwaarst. De eersten omdat ze ongelooflijk hard naar boven gaan (rennend omhoog met volledige bepakking, en het is echt steil hier); de laatsten omdat ze helemaal stuk zitten. Om half 10 in Modane. Het is markt en ik koop Beaufortain en 2 kippenpoten van de rotissier. Koffie en een Perrier op terras. Daarna naar boven; in tegenstelling tot wat ik overal lees is de bewegwijzering best goed. De route gaat langs 15 staties van de kruisiging op weg naar de kapel van de Notre Dame du Chairmaix. Op een bankje bij de 14e eet ik mijn kippenpoten; dat zullen ze boven wel goed vinden. De kapel is gebouwd bij een brug over de rivier in een kloof en dateert uit 1401. Daarna de lange stijging naar de Col de la Vallée Etroite. Halverwege sta ik een tijd met Jean te praten over Frankrijk, het leven en temps de vivre. Klimmen valt me zwaar vandaag en ik rust vaker dan anders. De hut is vol en heeft sfeer, ik kan nog net beneden in een stapelbed.

image

Op weg naar de Col de la Vallée Etroite.

11 September, Refuge du Mont Thabor – Plampinet.
57 geworden vandaag. Als ik op de col terugkijk naar de Vanoise zie ik de sneeuw liggen op de hoge Vanoise. Hoop dat Patrick er niet te veel last van heeft op de hoge Col de Chavière. In de Vallée Etroite is alles Italiaans. En de Refugio I Re Magi heeft heerlijke Italiaanse koffie voor 1 euro en WiFi. Appjes en mailtjes voor mijn verjaardag stromen ineens binnen. Op de Col des Thures mooi lunchplekje in het weiland met uitzicht op een meertje. Aan de andere kant een kudde van wel 1000 schapen. Afdalen naar Nevache en Plampinet; in de gite in Plampinet. Avondeten met 5 Fransen met veel GR ervaring.

image

Plampinet in zicht.

12 September, Plampinet – Briancon. Even overwogen om de makkelijke route naar Briancon te nemen maar het is nog goed weer en ik voel me goed. 8 1/2 uur lopen volgens de Topoguide. Prachtig nauw dal en idyllische Chalets des Acles. Door de weiden naar de Col de Dormillouse waar het koud en winderig is. Door naar de Col de la Lauze waar je in een ronde cirkel van stenen lekker uit de wind kunt zitten. Het Franse echtpaar uit Bretagne verschijnt hier ook na een kwartiertje. Afdaling naar Montgenèvre, het derde uitgestorven wintersportoord binnen een week. Bij de Italiaan kan ik om half 3 nog net koffie en Tiramisu krijgen. De bakker en de supermarkt gaan pas begin December open. Tijdens de verdere afdaling naar Briancon pakken donkere wolken zich samen. Over de Pont d’Asfeld en een oeroud weggetje loop ik de oude binnenstad van Briancon binnen; het voelt als een reiziger in de middeleeuwen. Boodschappen gedaan, treinkaartje gekocht en naar hotel de la Gare wat alles is wat je van een Hotel de la Gare kunt verwachten. De dames aan de bar hebben andere interesses dan lopen in de bergen. Aardige eigenaar in een rolstoel die de volgende ochtend om kwart over 5 ontbijt voor me zal klaarzetten.

image

Briancon

13 September. Van Briancon terug met de trein naar St Gingolph via Valence, Lyon, Genève. 13 uur onderweg (met de trein in Briancon “en panne”). Gelukkig staat de auto er nog. Overnachten in Zurich en daarna terug naar Nederland.

21 September. Vlucht naar Nice vanuit Rotterdam. Met een huurautootje van Nice naar Briancon over de Col de la Bonette (haast niet te doen met openbaar vervoer en niet veel duurder). Overnacht in Auberge de la Paix in de oude stad van Briancon boven op de heuvel.

22 September, Briancon – Brunissard. De vrouw die het hotel runt is nog nooit in Brunissard geweest. Met een hotel ben je altijd druk zegt ze. Boodschappen in Briancon. De verkoopster in de bakkerij is aan het vrijen met de bakker en heeft eerst niet door dat ik er sta. Even later is ze er, met het gezicht in de plooi. Door het dal naar boven naar de Chalets des Ayes. Daarna naar de col waar je wordt weggeblazen van de wind. Pas om een uur of twee, een stuk onder de col, vindt ik pas een plekje om lekker te rusten. Door naar Brunissard langs een paar rotswanden met via ferrata. In de gite des Bons Enfants in Brunissard die nog open is. Avondeten met vijf; het wordt overal rustiger. In het volgende dorp, Ceillac, zijn alle gites al dicht op één na, en die ligt een eind de verkeerde richting op. Ik kan ook doorlopen en wild kamperen bij een meertje boven Ceillac maar dat wordt een hele lange dag (en een hele koude nacht waarschijnlijk). Ik zie nog wel.

image

Op weg naar de Col des Ayes.

23 September, Brunissard – Ceillac. Regen in de nacht en als ik s’ochtends naar de eetzaal loop. Dat had France Meteo niet voorspeld? Maar daarna wordt snel droog en trekt het open. De zon begint te schijnen op de sneeuw die boven de pakweg 2000 m ligt. Wel blijft het de hele dag goed koud met de wind die pas in de late middag zal gaan liggen. Tegen 8 uur loop ik. Het eerste stuk van het pad blijft op hoogte lopen door de weilanden met steeds uitzicht op de sneeuw in de bergen, prachtig! Bij Chateau Queyras dan een steile afdaling naar beneden met uitzicht op de vesting boven op een rots in het midden van het smalle dal. Midden in het piepkleine dorp is een bar – restaurant – bakkerij – winkel; tevens middelpunt van het dorp waar iedereen langskomt. Ik kan er wat boodschappen doen en om 11 uur wat eten wat goed uitkomt; tot Ceillac zal ik niets meer tegenkomen. Daarna lange klim naar de Col Fromage waar ik tegen 4 uur ben. Prachtig uitzicht. Bivouac bij het Lac du Miroir red ik niet meer; te ver weg. Afdaling naar Ceillac wat een mooi oud dorpje blijkt te zijn. Dan nog 4 km lopen naar de enige gite die nog open is: Le Petit Chalet. Gelukkig is het eten uitstekend en heb ik de luxe van een eigen kamertje en douche. Na het eten kun je er gratis kiezen uit alle digestifs die op de bar staan. Het idee is dat als je ooit terug komt je een fles meeneemt van waar je vandaan komt. Ik ga voor de likeur van Mirabellen. Geen Fransman die voor de Jenever of Beerenburg gaat. Een schitterende dag.

image

9 uur s’ochtends. Sneeuw in de bergen, zon in het dal.

24 September, Ceillac – Refuge du Maljasset. Bruno, de baas van de gite, brengt me naar Ceillac. Boodschappen en langs de bakker; daarna door het dal van de Mélezet naar boven. Bij het Lac Miroir is het zo mooi… Ik blijf er wel anderhalf uur zitten. Strakblauwe lucht. Het volgende meer is het Lac Ste Anne. Naast het meer een kleine kapel waar de mensen uit Ceillac ééns per jaar heen lopen. Ook hier een serene rust. Daarna door de sneeuw de Col Girardin op. De lucht is ijl; een van de hoogste cols van de GR5. Aan de andere kant de afdaling naar Maljasset. Op het natte gras, waar het helemaal niet zo steil naar beneden gaat, zie ik kans om een keer spectaculair plat te gaan en een van mijn toch al kromme stokken nog meer te verbuigen. Die stok is nu niet meer klein te krijgen; ik zal het pas echt gaan proberen straks op het vliegveld in Nice. Het laatste stuk naar Maljasset is echt steil naar beneden; een vreselijke kut afdaling in schalie die verkruimelt waar je bij staat. Je ziet de berg weg eroderen. Zou ik niet graag doen als het regent. In de Refuge was ik ooit 25 jaar geleden met Willy. Het is nog net zo’n donker hol als toen. Ik eet er met 3 Fransen.

image

Dal van de Mélezet.

image

Vlak voor Lac Miroir.

image

Lac Ste Anne.

image

Onder de Col Girardin

25 September, Refuge du Maljasset – Bivak bij Lac du Vallonnet. Anke is jarig vandaag. 21! In San Diego. Op 7 Oktober is ze weer in Nederland.
Een van de Fransen vraagt me schuldbewust of hij erg gesnurkt heeft vannacht. Wat moet ik nu zeggen: dat ik het zelfs door mijn super oordoppen kon horen? Ik geef het enig juiste antwoord. Van een andere Fransman kan ik meerijden naar Fouillouse, scheelt me twee uur, maar ik ga toch liever lopen door het dal. Wel aardig. De rijp ligt op de velden. Vlak voor Fouillouse heb ik eindelijk weer bereik en bel de gites in Larche af. Die zitten allemaal dicht (of hebben geen zin voor een enkele gast open te gaan). Dat wordt dus bivak. In Fouillouse kan ik nog lunchen op het balkon van de gite Auberge die wel open is. Mooie gite, mooi gehucht. Zowaar een winkeltje gerund door een stokoude dame. Bij elk yoghurtje en drinken wat ik koop vraagt ze me hoeveel het kost en of het nog wel goed is; ze kan het zelf niet meer lezen. In de middag klim naar de Col du Vallonnet. Dit is echt het meest rustige stuk van de Alpen tot nu toe. Ik zal na Fouillouse niemand meer tegenkomen. Na de Col du Vallonnet besluit ik om mijn tentje op te zetten bij de meertjes onder de col. Ik vind een mooi beschut plekje uit het zicht van het pad. Het is weliswaar pas tegen vijven maar de afdaling naar Larche ziet er vrij steil uit op de kaart en ik denk niet daar makkelijk een vlak stukje te vinden (de volgende dag blijkt dat best mee te vallen). Na mijn tentje opgezet te hebben kijk ik uit over de bergen. Het is er oorverdovend stil. Ik trek er alle lagen aan en zie vanuit de tent hoe het begint te schemeren en de volle maan van achter de bergen verschijnt.

imageimage

image

Bivak bij Lac du Vallonnet.

image

Avondschemering, vanuit de tent.

26 September, Bij Lac du Vallonnet – Bousiéyas. Graad of vijf gevroren denk ik maar heb het niet echt koud gehad. Wel veel condens. In de vroege ochtend begin ik de klim naar de Col de Mallemort. Vlak onder de col een oude vervallen kazerne van het Franse leger. Na de afdaling in Larche helemaal niets te vinden, bar, restaurant, winkel, bakker. Later kan ik wel wat kopen bij de camping. Rond 12 uur realiseer ik me dat het niet nog 5 maar wel 7 uur lopen is naar Bousiéyas. Als ik dat geweten had had ik in de ochtend wat meer doorgepakt. Ik had best een uurtje willen liggen langs de rivier in het mooie dal van de Lauzanier. Later blijf ik wel een tijd rusten bij het meer van Lauzanier. Op weg naar de Pas de la Cavale trekt alles dicht en hoor ik onweer in de verte; maar het blijft bij druppels. De afdaling is heel steil met allemaal rolsteentjes onder een kam van afbrokkelende mergel; niet echt lekker. Uiteindelijk tegen 7 bij de Gite van Bousiéyas. Helemaal gerenoveerd door Claude en Laurence en het eten is er beter dan in enige andere gite tot nu toe. Claude vertelt dat hier lang geleden zo’n 150 mensen woonden (en 3 bars, ook voor de soldaten in de buurt). De weg is in de winter dicht (te gevaarlijk met de lawines). Zo’n 20 jaar geleden woonde er nog één oude vrouw, waarvoor de postbode eens in de week speciaal langs kwam. Nu wonen er een aantal jonge mensen, alleen in de zomer. Later in de avond drink ik er wat met 2 Fransen en een Engelsman (Jean Philippe, Dominique en Alec) die in Larche begonnen zijn en vlak bij de gite hun tent hebben staan. Ik zal ze de komende dagen vaak tegenkomen. De Fransen werken bij een bank in Londen. Op mijn vraag of Alec daar ook werkt moeten ze heel hard lachen (“banks do not employ people with dreadlocks”).

image

Afdaling naar Larche.

image

Bousiéyas, de volgende ochtend.

27 September, Bousiéyas – Auron. Goed bijgeslapen en uitgerust na de lange dag van gisteren. Met de groeten aan Marine in het volgende hotel ga ik op weg. Het is zondagochtend en er gaan nu ook mensen voor een dagje de bergen in. Een begin van herfstkleuren hier en daar na de na de nachtvorst van de afgelopen dagen. Na de Col de la Colombière doorkruis ik met moeite een grote kudde schapen en hun pastous (waakhonden). Die zijn er veel in dit gebied. Als het kan loop je om de kudde (en honden) heen maar hier is het zo steil dat dat niet gaat. Rustig blijven en de honden de tijd geven om aan je te wennen. Afdaling naar St-Delmas-le-Selvage (in mijn gedachte steeds sauvage). Na de Col d’Anelle de lange afdaling naar St Étienne-de-Tinée. Op een terras op de markt verbruik ik mijn hele iPhone dagbundel met het volgen van de tweede helft van Feyenoord-PEC, maar het is het waard. Daarna valt de klim naar Auron me zwaar, het liefst was ik lekker aan het bier gegaan op terras in de zon, in de warmte van het dal. Overal vliegen ook nog. Hotel Edelweiss ligt op het centrale plein van ski-oord Auron en de bar (met Marine) is het sociale centrum van het dorp.

image

St Delmas

28 September, Auron – Refuge Longon. Lange dag vandaag, 10 uur lopen volgens de Franse topoguide. En laat weg ooknog, ontbijt in hotel met de bakker die zich verslapen had en winkels die dicht zitten. Nog niet zo’n lange dag gehad en moet de hele dag dus flink doorlopen; ik had wel wat meer tijd willen hebben in Roya (gite al dicht) bij voorbeeld. Na Roya door een kloof omhoog (allemaal mergel) en lange klim naar de Col de Croussette. Ik dacht dat ik er was met klimmen maar moet dan nog verder omhoog. Om 7 uur s’avonds ben ik bij de Refuge de Longon (vacherie de Roure). De enige gast in de hut, de 3 musketiers slapen in de tent buiten. Zit met de hele familie aan tafel naast het vuur; de kinderen krijgen hier home scholing op zijn Frans. Afgelopen weekend zijn ze met zijn allen de Mont Mounier opgeweest. Na mijn bivak drie lange dagen gemaakt; ik ben nog niet zo moe geweest in de Alpen.

image

Col de Croussette, terugblik.

image

Col de Croussette, vooruitblik.

29 September, Refuge Longon – St Sauveur sur Tinée. Ongelooflijk koude nacht; de koude Noordenwind buldert door het dal naar beneden. Slaap op twee matrassen en onder vier dekens en nog fris. Na het ontbijt lees ik eerst nog in de boeken die in de hut staan. Ik ben misschien wel de laatste gast dit seizoen. De koeien zijn al een stuk naar beneden, op een uurtje lopen. Daarna afdaling naar Roure; dorpje tegen de helling aangeplakt hoog boven de Tinée. Nader de Cote d’Azur, alles voelt Zuidelijker en droger. Roure heeft zijn charme behouden maar staat wel vol met opgeknapte tweede huisjes; de Auberge heeft sinds kort een Michelin ster. Verdere afdaling naar St Sauveur sur Tinée. Sinds Lac Leman niet zo laag geweest en toch nog steeds een koude Noordenwind. Afscheid van de 3 musketiers die de GR52 opgaan. Voor mij 2 uur wachten op de bus naar Nice. Ik wil over 2 dagen in Nederland zijn voor conferentie EBF, de studievereniging waar Joost nu in het bestuur zit. En een paar dagen daarna komt Anke terug uit Amerika. Nice is een andere wereld. Eten bij de Thai en verblijf in een oud herenhuis in de oude binnenstad. Raar om al op het eindpunt te staan; voor mijn gevoel ben ik er nu eigenlijk. Nog 3 dagen lopen straks (of 6 als ik de GR52 in de Mercantour nog kan doen).

image

Roure. Op het witte bord links van de kerkdeur staat: Ici repose Giovanetti Remolo. Agé de 13 ans et demi. Victime du travail durant la construction du canal d’Ambrous a lors qu’l surveillant le personel de son père le 23 juillet 1914, laissant ses parents inconsolables.

image

Tuin van Nice Garden hotel

10 October, St Sauveur sur Tinée – Saint Dalmas Valdeblore. Weer op pad. Zoals het weer er uitziet bewaar ik de langere GR52 voor later. Een lange dag, 3 uur weg uit Appelscha, 5 uur op Schiphol, half 7 vliegen en dan de bus naar St Sauveur. Op de weg langs de rivier komen de vrachtwagens met schapen uit de bergen ons tegemoet. De chauffeur bespreekt het nieuws met de locals en wie er ooit in welke bocht van de weg is verongelukt. Om 11 sta ik ineens weer midden in St Sauveur. Als ik langzaam naar Rimplas het dal uitklim duurt het een tijdje voordat alles weer rustig is in mijn hoofd. In le Pous op het pleintje van Rimplas kun je heerlijke hamburgers eten. Met bier, dus de tweede helft van de middag loop ik anders. Ik drink normaal nooit wat voor het einde van de dag. Door het dal naar Saint Dalmas. Ik slaap in de gite du Presbytère, een opgeknapt maison en pierres aan het dorpsplein, tegenover de school.

image

11 October, Saint Dalmas Valdeblore – Utelle. Goed geslapen en genoten van uitgebreid ontbijt. Zondagochtend en ik blijf nog een hele tijd in de gite praten met de eigenares over Gabon en Cambodja, en over het leven in een dorpje in Frankrijk. Daarna loop ik door de hoofdstraat langs de oude huizen naar beneden naar de winkel en bakkerij. Een mooi oud dorpje waar nog leven is. Ze hebben nog een school. Het grootste deel van de dag loopt het pad over de kam of vlak onder de kam naar het Zuiden. Vaak met mooi uitzicht. Soms kun je de Middellandse Zee al onderscheiden. Een stuk of 10 Fransen op zondaguitstapje loopt in de ochtend een stukje vooruit en maakt daarbij zoveel lawaai dat we in ieder geval niet door de 3 jagers voor wild worden aangezien. Het is October en dan moeten brave Franse huisvaders in eens zo nodig op jacht. In de krant lees je dan regelmatig dat ze elkaar, of erger een onschuldige wandelaar, overhoop schieten. Daarna kom ik de hele dag niemand meer tegen totdat ik vlak onder de Brec d’Utelle, de laatste serieuze berg, een solo Nederlander tegenkom die gaat bivakkeren. In het Engelse GR5 boekje staat dat deze etappe niet zo lang is als hij lijkt op de kaart. Nou daar klopt helemaal niets van. Ik ben blij als ik om half 7 Utelle binnenloop na 28 km door de bergen. De gite is een achteraf zaaltje in de oude school maar alles wat er moet zijn is er. Je kunt de douchekop niet meer aan de muur hangen met het idee dat je niet te lang doucht maar daar vind ik wat op. De bar auberge bij de kerk is het enige wat open is op zondagavond. Zelden zo slecht gegeten in Frankrijk (tartiflette uit de magnetron) maar ik zit er prima en al zijn ze maandagochtend dicht: als ik wil kan ik er om half 9 ontbijten.

image

Bij de Brec d’Utelle

12 October, Utelle – Bivak voor Aspremont. Inderdaad ontbeten in de bar op het pleintje en omdat ik er zat kwamen er meer mensen langs zoals Celine (zwarte leren broek en niet betalen voor de koffie). In de afdaling naar het dal staat de kapel van de heilige Antonius, waar je ook naar binnen kunt. Menig GR5 loper heeft een boodschap achtergelaten in het boek, met de beste wensen voor wie er later langskomt. Bij de brug over de Vesubie probeer ik wat te regelen om te slapen maar alles zit al dicht in Levens of Aspremont. In de loop van de middag begint het ook steeds harder te regenen. Aan het eind van de middag heb ik moeite om een bivakplekje te vinden, uiteindelijk zet ik de tent neer op een min of meer vlak stukje noordoost van de Mont Cima. De hele avond en nacht regent maar ik lig wel lekker in mijn tent; droog en warm. Ik werk uit dat dit mijn 112e loopdag is. Morgen dus 113 en op de 13e Oktober zal ik aankomen in Nice. Hopelijk.

image

Utelle

13 October, Bivak voor Aspremont – Nice. Nog niet zo goed geslapen in het wild. Misschien wel omdat ik volledig onzichtbaar sta op zo’n 30 m van het pad en ik ervan overtuigd ben dat er niemand op weg gaat in dit weer. Ik kan opbreken tussen de buien door, daarna begint het langzaam open te trekken en de zon breekt door als ik Aspremont binnenloop. Alleen nog droog brood en notenrepen in de rugzak dus ik ben blij dat er een winkeltje is. Voor de winkel 2 tafeltjes waar de mannen van het dorp het over van alles en nog wat hebben. Ze rekenen uit dat als ze nu beginnen te lopen naar het Noorden ze in Mei in Appelscha kunnen zijn. Als ze net zo snel lopen als ik en daar zien ze niet naar uit. Als ik verder naar Nice loop over de hellingen van de Mont Chauve bindt ik alle natte spullen aan mijn rugzak vast zodat het een beetje kan opdrogen. Echt snel gaat het niet meer het laatste stukje. In Nice loop ik eerst naar het officiële Franse eindpunt van de GR5: la Maison de l’Environment aan de Avenue Castellane. Daarna zoek ik een Thai op die me ook midden op de middag wat kan voorzetten. En uiteindelijk naar het echte eindpunt, de Middellandse zee. Ik maak de voorgenomen foto van mijn rugzak bij de zee. Daarna ga ik liggen op het strand totdat het zachtjes begint te regenen.

image

image

Advertenties

3 reacties op 7. Alpen

  1. Patrick Herring zegt:

    Congratulations Jilles – you did it!!!
    All the best
    Patrick

    Like

  2. Marlies Schouten zegt:

    Wat een mooi verhaal, met prachtige foto’s van plekken waar wij ook hebben gelopen. Vorig jaar met onze twee zonen aangekomen in Nice; één dag na de tragedie met de vrachtwagen op de boulevard.

    Like

  3. leen zegt:

    Het was mooi om je verhaal te lezen., wij zijn er ook aan begonnen ..wie weet geraken we ook tot Nice !
    In ieder geval een hele prestatie !

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s